Er bestaan vele mogelijkheden om een hoogteverschil te overwinnen. Ook voor mensen met loopbeperkingen of in een rolstoel. Binnens- of buitenshuis bestaan er hellingbanen, allerlei soorten liften of trapklimhulpen. Hieronder een bloemlezing:
- Hellingbanen.
Deze zijn max. 1:20 voor handrolstoelgebruikers zonder hulp. Dat vraagt doorgaans behoorlijk veel lengte. Een elektrische of geduwde rolstoel kan evt. (korte) steilere hellingen aan. In het dagelijks gebruik is een helling doorgaans praktischer in gebruik dan een hefsysteem. Denk aan wachttijden, storingen ed.



- Traplift met stoeltje.
Een (meestal opklapbaar) stoeltje op een elektromotor loopt langs de trap via een rail. Vraagt bij niet-lopers extra transfers boven en beneden en tevens een tweede rol- of trippelstoel. Op de meeste trappen is wel zo’n lift te plaatsen, ook bij de veel voorkomende dubbele kwarttrappen. De rail is doorgaans op de treden gemonteerd, zodat voor normaal gebruik de trap sterk (tot 15cm) versmald is.
- Traplift met rolstoelplateau.
Een vlakke plaat waarop de rolstoel gereden wordt, loopt via een rail langs de trap omhoog en omlaag. Deze oplossing maakt de verdieping goed toegankelijk voor de rolstoel. Wel vraagt dit veel ruimte beneden voor de trap (1200-1500mm), een groot trapgat (min. 950x2100mm) en een rechte steektrap. Dmv. een bovenvalluik is soms ook een trap met boven kwartdraai geschikt te maken. Soms laat de plattegrond toe een onbruikbare bestaande trap te vervangen door een rechte steektrap. De kosten van het extra breekwerk wegen vaak op tegen die van duurdere lifttypen. Let op evt. burengerucht bij montage op woningscheidende wand.


- Zweeflift.
De rolstoel hangt in kabels aan een motorgondel, die via een rail boven de trap omhoog en omlaag loopt. Verlenging van de rail naar een volgende trap of willekeurig vertrek is mogelijk. Dit systeem is vrijwel overal toepasbaar waar de vrije hoogte twee meter of meer is. Vanwege de hoge kostprijs wordt dit systeem zelden verstrekt.
- Cabinelift (ook "platformlift" of "woonhuislift").
Een cabine gaat dmv. elektromotor of hydraulisch systeem langs rail rechtstandig omhoog en omlaag. Soms kan cabine boven geparkeerd worden waarbij beganegrond vrij blijft. Bij andere systemen is een volledige schacht noodzakelijk. Het gaat om een erg kostbare voorziening, die los van de reguliere trap extra ruimte (2 á 3 m2) vraagt. Voordeel is dat een (eveneens dure) benedenaanbouw achterwege kan blijven.




Er is altijd een vloer doorbraak nodig, wat bij betonvloeren vaak extra constructieve voorzieningen inhoudt. Dit gat vormt een geluidslek, dat bij rechtstreekse verbinding van woon- naar slaapkamer hinderlijk kan zijn. Let bij montage op woningscheidende wand op dat buren het liftgeluid niet als hinderlijk ervaren. Een lift in schacht is ook buiten tegen de gevel te plaatsen. Dit voorkomt ruimteverlies en vloerdoorbraken binnen. Vanwege de benodigde fundering en geïsoleerde schacht (die ook aan Welstands- en bestemmingsplaneisen moet voldoen) is deze oplossing eveneens kostbaar.
- Hefplateau‘s.
Rolstoel rijdt op plateau met hekwerk, dat verticaal heft. Wordt gebruikt bij geringere niveauverschillen dan een verdiepinghoogte. Vraagt minder ruimte dan een hellingbaan.



- Tussentrede.
Een eenvoudig hulpmiddel dat de staphoogte per tree halveert. Het kan vast aangebracht zijn op de (helft van de) tree, of door de gebruiker bij elke stap mee omhoog en omlaag genomen worden (bv. als kistje aan een wandelstok).
- Trappenklimmers.
Er zijn losse apparaten, met eigen aandrijving, die een rolstoel de trap op en af dragen. Sommige werken met rupsbanden, die tegen de treden van een (niet te steile) trap opklimmen. Andere hebben een extra stel wielen, welke de volgende tree zoeken en het gewicht overnemen. Voordeel is dat de apparaten mee te nemen zijn om elders in te zetten. Nadeel is (behalve de prijs) dat er een begeleider nodig is en de (meestal Duitse) systemen op de steile Nederlandse trappen beperkt toepasbaar zijn.

Horizontaal transport (tilliften).
Er zijn diverse soorten tilvoorzieningen waarmee u ook met beperkingen toch transfers kunt blijven maken. Zelfstandig of met hulp van anderen. :
- Schuifplank en draaiplateau.
Met hulp van een vlakke, gladde plank kunt u ook met verminderde beenkracht makkelijker van bv. stoel naar bed schuiven zonder te behoeven opstaan. Met een draaischijf kunt u, eventueel met hulp, makkelijker van de ene naar de andere postie draaien. Dit vergemakkelijkt bv. het in en uit een autostoel komen.
- Verrijdbare tillift.
Een flexibele en goedkope manier van tillen. Afmetingen zijn plm. 800x1700mm, draai 1800mm. Een dergelijke lift is flexibel en overal bruikbaar. Elders in huis of op de camping. Hij werkt (door het duwen) zwaarder en verdraagt daarom geen niveauverschillen in de vloer. Gebruiker hangt in slings of beugels aan een (al dan niet verstelbaar) tiljuk. Ook neemt hij zowel bij gebruik als in parkeerstand, extra ruimte in.
- In een "passieve" lift wordt de gebruiker zonder eigen inbreng getransporteerd.
- In een "actieve" lift werkt de gebruiker zelf mee, maar wordt daarbij ondersteund.



- Plafond tillift.
Gebruiker hangt in slings of beugels aan een motorgondel, die zich langs een plafondrail beweegt. Handmatig of elektrisch. In het laatste geval kan men zich zonder hulp zelfstandig tillen en verplaatsen. Een plafondsysteem werkt licht, er hoeft geen groot, los apparaat geduwd te worden over een soms ongelijke vloer. Ook is er minder ruimtebeslag, een draai van 1500-1700mm is voldoende. Nadeel is dat tillen alleen mogelijk is op plaatsen waar zich een rail bevindt. Soms zijn voor de rail bouwkundige (plafond)voorzieningen nodig. Er bestaan verschillende typen:
- Lijnvormig tilgebied (van punt a naar punt b) onder een rechte of gebogen rail.
- Vlakvormig tilgebied (door middel van "X-Y constructie", zoals bij een loopkatkraan in een fabriek). Hiermee kan op elk punt in een rechthoekige ruimte getild worden.
- Met een "overpaksysteem" mag de plafondrail door obstakels (bv. deuren en plafondbalken) onderbroken zijn. Voordeel is dat in huis niet gebroken hoeft te worden, om de rail via plafondhoge deuren door te kunnen voeren. Zo’n onderbroken rail is ook te combineren met schuifdeuren. Nadeel is de telkens terugkerende, extra benodigde handeling van het overpakken zelf.



- Vaste tilarm met liftunit.
Dit systeem, bevestigd aan bv. aan wand of plafond (waar het vaakst getild wordt) is goedkoop maar niet erg flexibel. Zelfde constructie als een plafondlift, maar gefixeerd op één vaste, aan muur of plafond bevestigde tilarm.


- Bijzondere constructies met liftunit.
Er zijn varianten waarbij sprake is van een tussen vloer en plafond geklemde staander, of een vrijstaand metalen frame, waaraan de liftunit bevestigd is. Voordeel daarvan is, dat de woning vooral bij tijdelijke tilsituaties, onbeschadigd blijft omdat er niet geboord behoeft te worden.
- Badliften.
Met een badlift kan de lastige en gevaarlijke transfer in en uit een bad langer worden volgehouden. Het gaat om hefsystemen waarmee het lichaam via opblaas- span- of hefsystemen omhoog en omlaag gebracht wordt, zodat het in- en uitstappen gemakkelijker gaat.










